Dacia Spring onder vuur: goedkoop blijkt soms duurkoop

Elektrisch rijden hoeft niet per se een aanslag op je portemonnee te zijn. Toch laat de Dacia Spring, de goedkoopste elektrische auto van Nederland, zien dat een lage aanschafprijs niet altijd gelijkstaat aan zorgeloos rijden. Uit recente keuringen van de Duitse TÜV blijkt dat de Spring kampt met opvallende technische problemen, zelfs bij relatief jonge modellen.

Volgens Handelsblatt rapporteert de TÜV onder meer defecte wielophangingen, lekkende schokdempers en verlichting die onder het gemiddelde scoort. Ook remproblemen komen vaker voor dan verwacht. Voor een model dat pas sinds 2021 op de markt is, zijn dit opmerkelijk vroege mankementen.

Veiligheidszorgen bij botsproeven

De Dacia Spring kreeg eerder al kritiek van EuroNCAP, de Europese autoriteit voor crashtests. Bij een frontale botsing bleef het passagierscompartiment grotendeels intact, maar de bescherming van benen, borst en bekken van inzittenden bleek onvoldoende. Ook achterpassagiers lopen een hoog risico op nekletsel bij een aanrijding van achteren. Daarnaast bleken de deuren na een botsing lastig te openen, wat de veiligheid verder in twijfel trekt.

Beperkt vermogen, groot risico

Naast de veiligheidsissues speelt ook het vermogen van de Spring een rol. De ADAC concludeerde dat de Dacia Spring Electric 45, met slechts 45 pk, gevaarlijk traag is bij inhaalmanoeuvres. Van 60 naar 100 km/u doet de auto er bijna 15 seconden over, wat op drukke wegen een serieus risico kan vormen.

Succes ondanks kritiek

Ondanks de kritiek is de Spring een verkoophit. Sinds de introductie in 2021 zijn wereldwijd ruim 180.000 exemplaren verkocht, waarvan circa 5.000 in Nederland. Dacia kondigde bovendien een facelift aan: vanaf 2026 komt er een versie met 100 pk en verbeterde wegligging. De actieradius blijft 225 km en de topsnelheid 125 km/u.

Tweedehandsmarkt: aantrekkelijk maar opletten

Op de Nederlandse tweedehandsmarkt zijn inmiddels veel Springs te vinden, met prijzen vanaf ongeveer €8.000. Toch waarschuwen experts dat kopers goed moeten letten op de technische staat van de auto. De lage aanschafprijs is verleidelijk, maar de TÜV-resultaten tonen aan dat goedkoop ook hier duurkoop kan zijn.

Bronnen: Handelsblatt, TÜV, EuroNCAP, ADAC, AutoWeek, AD

Elektrische auto’s en pacemakers, dit zegt de wetenschap over elektromagnetische velden

Inleiding

Elektrische auto’s zijn niet meer weg te denken uit het straatbeeld. Toch vragen sommige bestuurders zich af: is het rijden in een EV veilig voor mensen met een pacemaker of ICD? Het idee dat krachtige batterijen en kabels sterke elektromagnetische velden opwekken, roept zorgen op. Recente onderzoeken uit Duitsland, China én medische studies geven echter een geruststellend antwoord.

Wat zeggen de metingen?

  • ADAC (Duitse automobielclub): Bij elf elektrische modellen, twee plug-in hybrides en één benzineauto werden elektromagnetische velden gemeten. Alle waarden bleven ruim onder de Europese limiet van 100 microtesla. Vaak waren ze zelfs lager dan bij huishoudelijke apparaten.
  • Chinese tests (Catarc): Het instituut vond waarden van 0,8–1,0 microtesla bij bestuurder en bijrijder, en nog lagere waarden achterin.
  • Bron van straling: Niet de batterij, maar de stoelverwarming bleek de grootste bron van elektromagnetische velden. Toch bleven ook deze waarden binnen veilige marges.

Pacemakers en elektromagnetische velden

Voor mensen met een pacemaker is de vraag extra belangrijk. Gelukkig blijkt uit onderzoek dat de elektromagnetische velden in elektrische auto’s geen gevaar vormen voor hartimplantaten:

  • Medische consensus: Cardiologen en pacemakerfabrikanten geven aan dat de velden in elektrische auto’s geen storingen veroorzaken.
  • Beschermende behuizing: Pacemakers zijn ontworpen om bestand te zijn tegen normale elektromagnetische velden.
  • Onderzoek uit München: Het Deutsches Herzzentrum München testte pacemakers onder verschillende omstandigheden en vond geen storingen bij patiënten in elektrische voertuigen.
  • Fabrikanten zoals Medtronic bevestigen dat elektromagnetische velden van auto’s niet sterk genoeg zijn om pacemakers te beïnvloeden.

Waar moet je als pacemakerdrager op letten?

  • Afstand tot sterke bronnen: Vermijd industriële apparatuur of zeer krachtige magneten.
  • In de auto: De elektromagnetische velden zijn laag en vormen geen risico.
  • Comfortvoorzieningen: Stoelverwarming geeft lokaal hogere waarden, maar ook die blijven veilig. Wie extra voorzichtig wil zijn, kan de stoelverwarming uitzetten.
  • Laadkabels: Tijdens het opladen zijn de velden iets hoger, maar nog steeds ver onder de norm.

Vergelijking met andere bronnen

Het is interessant om de waarden van elektrische auto’s te vergelijken met andere alledaagse bronnen:

  • Huishoudelijke apparaten: Magnetrons, stofzuigers en föhns produceren vaak hogere velden dan elektrische auto’s.
  • Traditionele auto’s: Ook benzine- en hybride auto’s genereren elektromagnetische velden via dynamo’s en elektronische systemen. De waarden zijn vergelijkbaar of zelfs hoger dan bij EV’s.

Conclusie

De gedachte dat elektrische auto’s gevaarlijk zijn voor mensen met pacemakers kan naar het rijk der fabelen worden verwezen. Onderzoeken tonen aan dat er geen risico is en dat elektromagnetische velden in elektrische auto’s veilig blijven binnen de internationale normen.

Wie écht het grootste veld in de auto wil vermijden, hoeft alleen de stoelverwarming uit te zetten. Voor pacemakerdragers geldt: elektrisch rijden is veilig en verantwoord.

Dit artikel is een bewerkte versie van een bericht op het AD (origineel) met aanvullend eigen onderzoek naar pacemakers en elektromagnetische velden.

Dacia verovert Frankrijk: hoe de Sandero en Logan restwaarde-kampioenen werden

De Franse automarkt is altijd een strijdtoneel geweest voor merken als Renault, Peugeot en Citroën. Toch is het een outsider die de kroon pakt als het gaat om restwaarde: Dacia. Het Roemeense merk, onderdeel van de Renault-groep, bezet de top drie posities in de Franse ranglijst van auto’s die het minst in waarde dalen. Dat is opmerkelijk, want het gaat hier niet om dure premiumwagens, maar om nuchtere, betaalbare modellen zoals de Dacia Sandero en de Dacia Logan.

Wat is restwaarde en waarom telt het?
De restwaarde van een auto is het bedrag dat een voertuig na enkele jaren nog waard is op de tweedehandsmarkt. Voor consumenten is dit cruciaal: een auto die zijn waarde goed behoudt, betekent lagere totale kosten. In Frankrijk wordt jaarlijks onderzocht welke modellen het minst afschrijven. Dit jaar kwam Dacia als duidelijke winnaar uit de bus.

De winnaars: Sandero en Logan
De lijst wordt aangevoerd door de Dacia Sandero, gevolgd door de Dacia Logan. Beide modellen zijn nieuw al scherp geprijsd, waardoor er simpelweg weinig te verliezen valt. Een Sandero kost in Frankrijk aanzienlijk minder dan een Peugeot 208 of Renault Clio. Daardoor blijft de tweedehandsprijs relatief hoog, omdat vraag en aanbod elkaar goed in balans houden.

Waarom scoort Dacia zo hoog?
Er zijn meerdere redenen waarom Dacia de ranglijst domineert:

Prijsstrategie: Dacia positioneert zich als budgetmerk. De lage nieuwprijs beperkt de afschrijving.
Praktische modellen: De Sandero en Logan zijn eenvoudig, betrouwbaar en populair bij gezinnen en prijsbewuste kopers.
Sterke reputatie: Dacia is van “goedkope keuze” uitgegroeid tot een merk met solide reputatie.
Tweedehands vraag: In Frankrijk is er veel vraag naar betaalbare occasions. Dacia past perfect in dat profiel.

Vergelijking met andere merken
Opvallend is dat populaire stadsauto’s zoals de Renault Clio en Peugeot 208 het minder goed doen. Hoewel ze nieuw vaak de verkooplijsten aanvoeren, verliezen ze sneller waarde. Ook elektrische auto’s schrijven momenteel razendsnel af, wat ze aantrekkelijk maakt voor koopjesjagers maar minder voor wie waarde wil behouden.

Restwaarde en merkperceptie
De ranking laat zien dat reputatie zwaar weegt. Premiummerken vragen hoge nieuwprijzen, maar verliezen sneller waarde zodra ze op de tweedehandsmarkt belanden. Dacia bewijst dat een slimme prijsstrategie en betrouwbare modellen minstens zo belangrijk zijn voor lange termijnwaarde.

Auto kopen: gebruiksgoed of investering?
Het onderzoek benadrukt dat een auto kopen zelden een investering is. Voor de gemiddelde automobilist is een auto vooral een gebruiksgoed dat in waarde daalt. Alleen zeldzame, dure modellen stijgen in waarde. Voor de doorsnee koper is het dus verstandig te kijken naar totale kosten van eigendom, en daar scoort Dacia uitstekend.

Dacia’s positie in Frankrijk
Dacia heeft zich stevig genesteld in de Franse automarkt. Met een marktaandeel van ruim 8 procent en bijna 145.000 verkochte auto’s in 2024, staat het merk structureel in de top drie van bestverkopende merken. De Sandero behoort zelfs tot de meest geregistreerde modellen in Frankrijk. Dit onderstreept dat Dacia niet alleen populair is bij nieuwe kopers, maar ook bij tweedehands kopers die waarde hechten aan betaalbaarheid en betrouwbaarheid.

Wat betekent dit voor consumenten?
Voor Franse automobilisten – en eigenlijk voor iedereen die een Dacia overweegt – betekent dit dat de keuze voor een Sandero of Logan financieel aantrekkelijk is. Niet alleen zijn de aanschafprijzen laag, maar ook de restwaarde blijft hoog, waardoor de totale kosten lager uitvallen dan bij veel concurrenten.

Conclusie
Dacia bewijst dat een merk niet luxe hoeft te zijn om waardevol te blijven. Door scherpe prijzen, betrouwbare modellen en een sterke reputatie heeft het merk de Franse restwaarde-ranking volledig gedomineerd. Voor consumenten die op zoek zijn naar een betaalbare en waardevaste auto, is Dacia daarmee een van de slimste keuzes op de markt.

Bron: AD.nl, MotorsActu, Autointernationaal